zaterdag 6 augustus 2011

IN DE BOOMGAARD



De appelbomen hangen
zwaar beladen, maar
de appels dunnen, vallende,
zichzelf een beetje uit.

De kweepeerbomenbast
is door de geiten aangevreten
en langzaam trekt het perenleven
uit de te bleek geworden vruchten
weg. Waar komt dit jaar
de kweepeerconfituur vandaan?

De geiten werden naar
een manshoog afgesloten stukje
bomenvrije wei verbannen
en mekkeren vandaar.

Rond de mispelaar
was tijdig wel
bedrading en een gaas geplaatst.
De vruchten zullen lekker
rot zijn als Sint Maarten komt.

Ook de rabarberkoppen
hebben de schapen (lelijke apen!)
met de grond gelijk gemaakt, 
maar netels en kalvertongen
laten zij staan. 


OCHTENDDINGEN


De rozen lijken rozer
als je ’s morgens
in de vroegte opstaat
en het is nog stil.

Er hangt een prachtig,
helder en onaangetaste
licht over de dingen.
Ze geven glans.

Aan het gras blinkt ochtenddauw
en afgereden en gemulchte
sprietjes blijven aan
je blote voeten plakken.

Elk geluid draagt verder
omdat er minder is.
Je hoort de schapen letterlijk
grazen en vogels, merk je plots,

goochelen eigenlijk met lucht.



vrijdag 5 augustus 2011

TOMATENSOEP

“Volgende week tomatensoep!” -
en ik roep spontaan uit: “Fantastisch!”

Wat is er beter dan soep van tomaat en het
nodige groen om nieuwe kracht op te doen?

Tomaten vers uit de tuin,
of van familie of vrienden gekregen.

Tomaten, gekleurd door de zon
en gedikt door de regen.

Al vroeg op wekelijkse markten gekocht.
Een zonnige, vruchtbare plek uitgezocht.

De zijscheuten als het nodig was verwijderd.
Af en toe met gieter en meststof geijverd.

Vergeleken met die van maat buurman.
Gezegd: “Zoveel beter dan wat je kopen kan!”

“Dus volgende week – goed? - tomatensoep!”
En de kinderen roepen uit met z’n allen:
                        
“FANTASTISCH!!!

VRIJDAGMARKT IN OPWIJK

Het ziet er niet zwart van het volk,
maar het volk dat er is, is er graag.
Meest succes, zoals altijd,
winkeltjes allerlei voor de maag.

Luiewijvenkip aan het spit.
Een terras dat vol drinkertjes zit.
Het hamburgerkraam. Vrijdagse vis.
Fruit dat zo goed voor de gezondheid is.

Maar ook prei om te planten en al
wat je wil voor groenvingerige klanten.
Textiel om je vrolijk te kleden.
Snoep en zoetigheid voor onder de leden.

En praten, natuurlijk, - kijk daar! - met
die toevallige vriend en die kennis.
Uitwisseling van wat er - ach, kinderen! -
kleinschalig weer aan de hand is.

“Opa jammer genoeg naar
de palliatieve gedaan.”
“De motor van onze wagen op reis
onverwacht naar de bliksem gegaan.”

“Die paar goeie dagen aan zee
- ge hebt gelijk! - maar meegenomen.”
“Dochter en kleinzoon - hoe tof! -  een
paar dagen langs kunnen komen.”

Dingen te kopen, te horen, te zien op
het vrijdagse plein om de Opwijkse kerk.
Ga er ook eens kijken en kopen misschien
Voor of tussendoor je dagelijks werk.


dinsdag 26 juli 2011

GESPREK


Een gesprek.
Gewoon.
Tussendoor.

Met de buur.
Met de oude vrouw die,
overstuur, naar de
juiste bus zoekt.
Een gesprek
met de medefietser
naar het werk,
met de medezanger
in de kerk.

Daar leef je van en voor:
een gewoon gesprek,
tussendoor.


VERLOREN ERGENS TUSSEN HARTLAND POINT EN HARTLAND QUAY


 Er loopt nu iemand anders rond in het hemd
dat hij al wandelend was verloren. Het was
zo warm, dus shirtje even op zijn arm en
later losjes aan de rugzak vastgebonden.

Wat gedold met honden die er liepen,
een klip beklommen terwijl de anderen
in het gras lagen en even sliepen. Tussendoor
wat lui zweet weggewist. Dat hemdje plots gemist.

Nog even teruggegaan langs afgewerkte baan.
Links en rechts het oor te luisteren gelegd,
maar niemand die iets wist, oprecht.
Nu ja, eenvoudigweg een stuk geruit katoen,

wat licht- en donkerblauw en ook wat groen.
Een mooi patroon, dat wel, en ook gewoon
van het als gegoten aan zijn lijf te mogen dragen.
Een vertrouwd geworden hemd na al die dagen.

Hij ziet het nog gewassen en gestreken
hangen in zijn kast. Het paste hem wonderwel,
en licht flatterend. Nu allicht in een Engelse
charity shop. Iemand ziet het, pikt het op.

Die kerel loopt nu rond in het hemd dat hij
al wandelend was verloren. Niet slecht:
een simpel shirt dat voor de tweede keer
als mandekking wordt uitverkoren!


maandag 25 juli 2011

BIJ DE TOUR DE FRANCE

De overwinning is een feit.

Het was een lange strijd
die nu gelukkig is gestreden.
Het ging bergop, bergaf,
gevaarlijk in de bochten –
en met sprinters die
de snelheidsgrens opzochten.

Soms was er twijfel en paniek,
of was je ziek van over de limiet te gaan.
Er waren gele, groene, witte truien
die je droeg en dan weer afgaf.

Gezwoeg voor tijdelijke roem.
Maar om je inzet en karaktersterkte
was het echt te doen.

Nu sta je op een podium,
als is het maar een virtueel verhoog
van zelftevredenheid.
Die tijd van zwoegen en vechten
heeft je gestaald.
Terecht en trots heb je
de eindmeet nu gehaald.

De overwinning is een feit.
De strijd is - voorlopig - weer gestreden